Ria Bussink is samen met haar moeder, zusje en broertje geïnterneerd in kamp Ambarawa.
'Toen mijn broertje twaalf werd moest hij met een groep leeftijdsgenootjes naar een apart jongenskamp. Dit afscheid was voor de moeders en kinderen een vreselijk emotionele gebeurtenis. Wolff, de hond van de familie Bussink, had contact gehouden de familie in het kamp. Hij is heel slim en blijft uit handen van de Japanners.
Wolff kwam erachter dat het jongenskamp vlak bij ons kamp lag. Met een brief onder haar halsband of in haar bek en met de woorden ‘ga het aan je baasje brengen’ vertrok ze, om soms dagen later terug te komen met antwoord. Veel moeders hebben van deze ‘koeriersdienst’ gebruik gemaakt om iets te horen van hun zonen.'